Stopopdracht

Wat:
Bij de stopopdracht is het de bedoeling dat je zo kort mogelijk achter een ander voertuig stopt. Je kunt zowel aan de linker-als aan de rechterkant stoppen. Het gaat erom dat de plek veilig is en dat jij er snel en goed kunt stoppen. De stopopdracht is een bijzondere verrichting en hierbij moet je overige weggebruikers voorrang verlenen.

Waarom:
Voorbeeld: je staat te wachten bij een verkeerslicht. Je dient voldoende afstand te nemen op de voorganger. Op het moment dat je te dicht op de voorganger staat (onvoldoende ruimtekussen) kun je niet meer wegkomen (aangezien degene achter je ook dicht op je staat). Je kunt dan niet meer achteruitrijden en je staat vast. Je leert dus om net voldoende afstand te nemen, zodat je nog weg kunt rijden.

Doen:
Je verricht de volgende handelingen bij een stopopdracht:
1. Stoppen aan de linker-of rechterkant van de weg achter een voertuig (geparkeerde auto, aanhangwagen etc.).
2. Zorg dat je voldoende afstand houdt tussen jou en de geparkeerde auto. Dit kun je checken doordat je altijd nog een klein randje van de bumper of kenteken van de geparkeerde auto kunt zien.

Bij de stopopdracht is het de bedoeling dat je gelijk weer weg rijdt. (TIP)

Je verricht de volgende handelingen:
1 . Zorg dat de auto in de eerste versnelling staat.
2. Laat de koppeling rustig opkomen en blijf doseren, zoals geleerd bij de vorige bijzondere verrichtingen (niet sturen terwijl je nog stilstaat).
3. Stuur terug als de rechterhoek van jouw auto voorbij de linkerhoek van het geparkeerde voertuig is.

Scannen:
Kijken voordat je stopt en weg rijdt, zoals geleerd.

Tekening:

Youtube:

Sociaal aandeel
  •  
  •  
  •  
  •  
  •  
  •  
  •  
  •  
  •